Medezeggenschap

Op 1 februari 1982 is de Wet Medezeggenschap Onderwijs een feit geworden. Deze wet regelt de structuur waarop twee groeperingen inspraak hebben, namelijk de ouders en de onderwijsgevenden.
Dit is van invloed op het beleid van het schoolbestuur. In deze wet wordt voorgeschreven, dat op elke school een medezeggenschaps­raad wordt ingesteld, bestaande uit een gelijk aantal vertegenwoordigers van personeel en ouders. 

Aan de hand van een reglement adviseert deze raad het schoolbestuur in alle zaken die de school aangaan. Bepaalde besluiten van het bestuur hebben vooraf instemming nodig van deze raad, terwijl bij andere zaken vooraf advies gevraagd wordt.
De medezeggenschapsraad van de Mariaschool bestaat uit 4 personen: 2 ouders en 2 leerkrachten. 

Nu het aantal scholen binnen ons bestuur toeneemt, is het voor het bestuur ondoenlijk om met alle M.R.-raden van de individuele scholen te vergaderen ter vaststelling van beleid.
Daarom wordt er bij schooloverstijgend beleid door het bestuur gesproken met de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (de G.M.R.).
De leden van de G.M.R. worden gekozen door de M.R.-leden van de diverse scholen. 

Voor onze school hebben zitting in de M.R.:

  1. Mevr. I. Huiskes en mw. E. Lenferink (namens het personeel)
  2. Mevr. K. Groothuis en Mw. S. Michorius (namens de ouders) 
  3. Mw. K. Groothuis heeft tevens zitting in de GMR.